Artikel 41 Decreet Lokaal Bestuur
Het is noodzakelijk om ten laste van de eigenaars van masten en pylonen een belasting te heffen om bij te dragen in de algemene financiering van de gemeentelijke uitgaven.
Het is aangewezen om masten en pylonen op het grondgebied van de gemeente Herne te beperken, ter vrijwaring van de aantrekkingskracht van de gemeente als woonomgeving en toeristische bestemming en wegens de visuele vervuiling, de landschapsverstoring en het doorbreken van de vrije open ruimte.
Het landschapsverstorend karakter van masten en pylonen dienstig om groene energie te produceren, voor louter recreatief gebruik en voor openbare hulpverlenings- en veiligheidsdiensten die primaire overheidstaken uitoefenen, wordt voldoende gecompenseerd door het maatschappelijk belang, zodat hiervoor vrijstelling kan worden verleend.
Het landschapsverstorend karakter van masten en pylonen dienstig voor het verlichten van terreinen en open ruimtes in het kader van veiligheid en bewaking wordt voldoende gecompenseerd ten behoeve van het algemeen belang, zodat hiervoor vrijstelling kan worden verleend.
Het is verantwoord om vrijstelling te voorzien voor constructies louter voor recreatief gebruik, gezien het niet-bedrijfsmatig oogmerk en karakter van de constructie, waarbij hobby en amateur met betrekking tot het gebruik van de mast of pyloon centraal staan, en de constructie niet voor lucratieve doeleinden is bestemd.
Deze constructies voor recreatief gebruik zijn duidelijk te onderscheiden van de constructies van andere commerciële ondernemingen, gezien de afwezigheid van een bedrijfsmatig aspect, waardoor de bijdragecapaciteit voor eigenaren van constructies bestemd voor hobby en amateur niet vergelijkbaar is met de andere commerciële ondernemingen die wel onder het toepassingsgebied van het belastingreglement vallen.
De gemeente is genoodzaakt om belastingen te heffen omwille van haar financiële toestand en de noodzaak om het budget in evenwicht te houden. De bedragen zijn redelijk en, gezien de financiële behoeften van de gemeente, aldus verantwoord.
De vrijstellingen van de belasting die in dit reglement zijn opgenomen sluiten het best aan bij de noden en het beleid van de gemeente.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om de aanpassing van het belastingreglement op masten en pylonen goed te keuren.
Artikel 1: De gemeenteraad keurt het reglement ‘Belasting op masten en pylonen 2022-2025’ goed volgens de hierna vermelde tekst.
Artikel 2: Dit besluit wordt bekendgemaakt overeenkomstig de bepalingen van het decreet lokaal bestuur.
Reglement ‘Belasting op masten en pylonen 2022-2025’
Artikel 1: Heffingstermijn en belastbaar feit
Er wordt voor de aanslagjaren 2022 tot en met 2025 ten behoeve van de gemeente Herne een jaarlijkse gemeentebelasting gevestigd op masten en pylonen in open lucht en zichtbaar vanaf de openbare weg die zich op 1 januari van het aanslagjaar op het grondgebied van de gemeente bevinden.
Artikel 2: Begripsomschrijving
Voor de toepassing van dit reglement wordt verstaan onder:
Artikel 3: Belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de eigenaar van de mast of pyloon op 1 januari van het aanslagjaar. Als er meerdere eigenaars zijn, zijn zij allen hoofdelijk gehouden tot betaling van de totale belastingschuld.
Artikel 4: Berekeningsgrondslag en tarief
De belasting wordt vastgesteld op € 3.000,00 per jaar per mast of pyloon.
De belasting is forfaitair en is ondeelbaar voor het hele jaar verschuldigd.
Er wordt geen vermindering of terugbetaling van de belasting toegestaan als de mast en/of pyloon in de loop van het jaar wordt weggenomen.
Artikel 5: Vrijstellingen
Zijn van de belasting vrijgesteld :
Artikel 6: Aangifteplicht
§ 1.
Elke belastingplichtige moet jaarlijks ten laatste op 15 april van het aanslagjaar een aangifte indienen bij het gemeentebestuur op een door het gemeentebestuur voorgeschreven aangifteformulier. Als aangiftedatum geldt de postdatum of (bij afgifte) de datum vermeld op het ontvangstbewijs. Valt de uiterste indieningsdatum op een zaterdag, een zondag of een wettelijke feestdag, dan wordt de vervaldag verplaatst naar de eerstvolgende werkdag.
Een belastingplichtige die niet spontaan een aangifteformulier gekregen heeft, kan dit op eenvoudig verzoek bekomen of invullen via de gemeentelijke website.
§ 2.
In afwijking van het eerste lid is de belastingplichtige ertoe gehouden om voor het aanslagjaar 2022 ten laatste op 31 december 2022 aangifte te doen van de belastbare mast of pyloon op voormelde wijze.
§ 3.
De belastingplichtige is vrijgesteld van aangifteplicht als hij voor het vorige aanslagjaar werd aangeslagen en als de belastbare toestand ongewijzigd is gebleven.
Artikel 7: Kennisgeving
De belastingplichtige is gehouden elke wijziging op eigen initiatief aan het gemeentebestuur bekend te maken binnen de maand na de wijziging.
Artikel 8: Controle en onderzoek
§ 1.
Het gemeentebestuur controleert de oprechtheid van de aangiften. De belastingplichtige is gehouden de eventuele controle van zijn aangifte te vergemakkelijken, o.a. door het verstrekken van alle documenten en inlichtingen die hem ten dien einde door de gemeente zouden worden gevraagd.
§ 2.
De gemeente mag de waarachtigheid van de ingediende aangifte nagaan met al de middelen waarover zij beschikt. Daartoe aangestelde personeelsleden zijn bevoegd elke inbreuk op het huidig reglement vast te stellen en moeten daarvoor toegang krijgen tot alle plaatsen waar belastbare feiten kunnen plaats hebben.
Artikel 9: Administratieve geldboete
De belastingplichtige wordt ertoe gehouden de controle van zijn aangifte te vergemakkelijken voornamelijk door het verstrekken van alle documenten en inlichtingen die hem hierbij zouden worden gevraagd.
Voor volgende overtredingen wordt een administratieve boete van 300 euro opgelegd:
- Overtreding van artikel 7 van deze verordening;
- Weigering om mee te werken aan een fiscale controle;
- Weigering om boeken of bescheiden voor te leggen.
Deze boete wordt gevestigd en ingevorderd volgens dezelfde regels als voorzien in deze die gelden voor de kohierbelastingen. Deze regeling geldt ook voor derden, niet-belastingplichtigen.
Als een overtreding met een belastingverhoging wordt gestraft, kan geen extra administratieve boete worden opgelegd.
Artikel 10: Ambtshalve belasting
Bij gebrek aan aangifte op de in artikel 6 gestelde datum, of in geval van onjuiste, onvolledige of onnauwkeurige aangifte, kan de belasting ambtshalve worden ingekohierd conform de procedure voorzien in het decreet van 30 mei 2008, zoals gewijzigd.
Vooraleer over te gaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, betekent het college van burgemeester en schepenen aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven, de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de belasting is gebaseerd evenals de wijze van bepaling van die elementen en het bedrag van de belasting.
De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen van de derde werkdag die volgt op de verzending van die kennisgeving om zijn opmerkingen schriftelijk voor te dragen.
Op de ambtshalve ingekohierde belasting zal een belastingverhoging worden toegepast van 10 % van de verschuldigde belasting bij een eerste overtreding.
Bij volgende overtredingen zal een verhoging van 25 %, 50 % of 100 % worden toegepast bij respectievelijk een tweede, derde en vierde overtreding. Vanaf de vijfde overtreding zal de belastingverhoging 200 % bedragen.
Voor de vaststelling van het toe te passen percentage van de belastingverhoging worden de vorige overtredingen niet in aanmerking genomen, wanneer geen overtredingen werden vastgesteld voor de laatste twee opeenvolgende aanslagjaren die het aanslagjaar voorafgaan waarin de nieuwe overtreding wordt vastgesteld. Een correcte aangifte gedurende twee opeenvolgende jaren herstelt aldus de goede trouw in hoofde van de belastingplichtige.
Het bedrag van deze verhoging wordt gelijktijdig en samen met de ambtshalve belasting ingekohierd.
Artikel 11: Wijze van innen
De belasting wordt ingevorderd door middel van een kohier. Het kohier wordt vastgesteld en uitvoerbaar verklaard door het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 12: Betaaltermijn
De belasting moet worden betaald binnen de twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
Artikel 13: Bezwaar
Op grond van het Decreet van 30 mei 2008 en volgens de daar beschreven voorwaarden kan tegen deze belasting een bezwaar ingediend worden bij het college van burgemeester en schepenen.
Behoudens latere wijzigingen bepaalt het Decreet dat het bezwaar schriftelijk moet worden ingediend, en ondertekend en gemotiveerd moet zijn. Het moet op straffe van verval worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet.
Het bezwaar kan via een duurzame drager worden ingediend indien het college van burgemeester en schepenen in deze mogelijkheid voorziet.
Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstbewijs verstuurd, binnen vijftien kalenderdagen na de indiening ervan.
Artikel 14: Vestiging, invordering en geschillenprocedure
De vestiging, de invordering en de geschillenprocedure gebeuren volgens de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008, zoals gewijzigd.
Artikel 15: Bekendmaking
Het belastingreglement wordt overeenkomstig artikel 286, 287 en 288 van het decreet over het lokaal bestuur afgekondigd en bekendgemaakt.
De toezichthoudende overheid wordt van de bekendmaking van dit besluit op de hoogte gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur.
Artikel 16: inwerkingtreding
Het belastingreglement op masten en pylonen door de gemeenteraad vastgesteld in zitting van 16 september 2020 en aangepast in zitting van de gemeenteraad van 16 december 2020 wordt opgeheven zodra het reglement goedgekeurd in vergadering van 28 september 2022 in werking treedt zijnde 5 dagen na de bekendmaking ervan.